Van theorie naar praktijk en weer terug...

Ik had het de aanwezigen bij de lezing in Sevenum (en  in een eerder blog) al aangegeven en nu is het tijd om daad bij woord te voegen. Voor de lezing had ik namelijk 6 Koi meegenomen om de potentie van Koi in de praktijk te kunnen inschatten en toe te lichten. Het is natuurlijk enorm lastig om dit onderwerp in een uur tijd over te brengen en daarom heb ik ervoor gekozen om de beoordeelde vissen nogmaals te tonen, zodat er op het gemak naar de Koi kan worden gekeken en eventueel een beter beeld van de potentie van de Koi te kunnen krijgen. Letterlijk van theorie naar praktijk en weer terug.

Dat is de beste manier om tot in de detail te leren over het herkennen van potentie en bepaalde details die dit kunnen beïnvloeden. Graag licht ik mijn visie over de Koi nogmaals toe en zou ik willen vragen om je eigen mening vooral niet voor jezelf te houden en deze te delen met mij en vele andere lezers. Hopelijk zal er dan een leerzame discussie ontstaan waarvan iedereen kan leren.

Ik had zes Koi mee, drie Kohaku en drie Showa. Ik zal de Showa in een volgend blog toelichten, zodat het niet teveel in één keer wordt. Bij deze de drie Kohaku: (voor een vergroting klik je tweemaal op de foto. Je kunt dan rustig je vergelijking maken)

De drie Kohaku

Alhoewel de foto’s niet superduidelijk zijn, probeer ik toch aan de hand van deze drie foto’s de potentie per individu toe te lichten. Er zijn twee aspecten waar men bij het herkennen van potentie op moet letten bij het beoordelen van Koi: Dat zijn de lichaamsbouw en de huidkwaliteit. Patroon is smaakgevoelig en wordt dus niet meegenomen bij de beoordeling van potentie. Terugkomend op deze drie Kohaku: het zijn drie hele verschillende types. Alledrie van dezelfde kweker (Momotaro) en allen zo rond de 20 cm.

Beginnende bij de lichaamsbouw is Kohaku 1 (meest linkse op bovenstaande afbeelding) op dit moment de rankste qua bouw, maar zijn de verhoudingen tussen kop en lichaam wel goed te noemen. De schouders zijn niet te breed en het breedste punt bevindt zich ten hoogte van het midden van de borstvinnen. Het lichaam loopt mooi egaal, zonder buikje of inhammen richting staartaanzet. Het zal echter wel altijd een ranke Koi blijven, daar de body de uitstraling (lees: breedte) mist om groot en breed te worden. Maximale lengte schat ik op 65 cm. De vis is hoogstwaarschijnlijk ook een man, wat herkenbaar is aan de diepe pigmentatie vergeleken met de andere twee Koi. Hier zal ik later op terug komen.

‘Een Koi wordt namelijk altijd breder en het breedste punt van het lichaam van een Koi zal steeds verder naar achteren komen te liggen’

Kohaku 2 heeft de beste bouw van de drie. Net als bij Kohaku 1 zijn de verhoudingen goed te noemen, echter is het een compleet andere vis. Dit komt enkel maar door twee karakteristieken: de grotere en veel meer aanwezige kop en daarnaast ook de bredere staartaanzet. De grotere kop, welke lekker breed is en een goede verhouding tussen lengte kop en afstand van de ogen toont (idealiter is deze 3:2). Het typische wat bij Momotaro Kohaku vaak het geval is, zijn de ‘driehoekige’ koppen. Dit komt doordat de lengte van de kop in verhouding met de breedte minder is dan bijvoorbeeld een Kohaku van Sakai Fish Farm. Het is natuurlijk geen nadeel, maar gewoon een opvallend kenmerk wat mij altijd te binnen schiet als ik Kohaku van Momotaro zie.

Bij Kohaku 3 is het echter wel een nadeel, maar dit heeft ook met andere aspecten te maken. Alhoewel de foto niet helemaal perfect van boven is genomen, is wel zichtbaar dat de vis al redelijk fors overkomt op de schouders. Dit komt door de hoge rug, welke gelijk vanaf de kop flink omhoog komt. Deze rug wordt ook wel ‘taiko’ of ‘backbone’ genoemd. Als je nu weer even naar K1 en K2 kijkt, loopt de taiko van deze twee Koi veel geleidelijker omhoog. Ik denk dat deze Kohaku om dit aspect dan ook te fors gaat worden op de schouders, waardoor de kop veel te klein zal overkomen ten opzichte van het lichaam. De rugvin lijkt ook iets te ver naar voren te staan, waardoor dit aspect van een ‘gedrongen Koi-look’ nog eens extra versterkt wordt.

De taiko slaat op de 'bult' die zich achter het hoofd vormt en verklapt erg veel vwb de potentie van de lichaamsbouw

Ik zie dat het al een redelijk verhaal aan het worden is, daarom zal ik het aspect huidkwaliteit in een ander blog gaan toelichten. Het allerbelangrijkste bij de beoordeling van de lichaamsbouw bij een jonge (!) Koi, is dat je deze niet moet vergelijken met die van een volwassen Koi. Een kleine en jonge Koi met een dergelijke lichaamsbouw zal namelijk niet groot worden, daar de verhoudingen in de toekomst niet meer zullen kloppen. Een Koi wordt namelijk altijd breder en het breedste punt van het lichaam van een Koi zal steeds verder naar achteren komen te liggen. Het draait namelijk allemaal om verhoudingen. De ideale lichaamsbouw is een bouw die de ‘speling’ heeft om nog breder te worden naarmate de Koi groter wordt. Een breed en vooral lang hoofd is essentieel om een Koi met een brede lichaamsbouw te kunnen ‘dragen’.

Indien er nog vragen en of opmerkingen zijn over de lichaamsbouw, schroom niet en reageer door in onderstaand tekstvak je vraag en/of opmerking te schrijven en je naam en emailadres in te vullen. Een facebook-account is hierbij niet vereist, maar zal het reageren op blogs wel makkelijker maken. Daarbij kun je de kennis dan meteen delen met de rest van je vrienden.

Over Tiebo Jacobs

Tiebo is initiatiefnemer van KoiQuestion en wordt - terecht - getypeerd als 'Nishikigoi nut'. Hij is reeds meer dan een decennia auteur op het gebied van Koi, leidt het team van journalisten en stelt kritische vragen voor de camera. Hij is altijd bezig met het volgende te gekke idee om de visie van KoiQuestion verder uit te kunnen dragen.

Bezoek mijn website

Reacties

3 reacties

  1. Mijn ‘gok’ :

    Koi 1: Is de meest schriele van allen, mijn gok ook dat het een mannetje is, lijkt mij wel de beste huidkwaliteit te hebben.

    Moeilijk te beoordelen op de foto, maar de kieuwdeksels lopen over de borstvinnen heen? Leuk patroon.

    Koi 2: Heeft volgens mij het meeste in zich. Goede vinnen, sashi en kiwa dat nog kan bijtrekken.

    Minpuntje dat het hi voor een stuk in de staart verder loopt.

    Heeft het meest aantrekkelijke patroon in mijn ogen.

    Koi 3: Goed hoofd met correcte verhoudingen. Rugvin iets te ver naar voor, borstvinnen vertonen lichte kromming.

    Op het staarteinde lijkt mij ook een rozige schijn te vertonen.

    Huidkwaliteit ziet er wel in orde uit, al is dit van een foto voor alle 3 de koi moeilijk te beoordelen.

    Nogmaals dank om alle dagen vers leesvoer te voorzien met Tiebo.

    Ik hoop dat jullie snel terug naar Dainichi gaan, want dit heeft me ongelofelijk geboeid.

    Met vriendelijke groeten

    Philip

  2. Pingback: Reageren op KoiQuestion.com weer mogelijk | KoiQuest

  3. Pingback: Waar let ik op bij de huidkwaliteit? Nogmaals de drie tosai Kohaku besproken | KoiQuest

Messenger icon
Send us a message via your Messenger App